> U bevindt zich hier: Religie - Gedachteniskapel van de Mijnwerkers

Religie

Religie en levensbeschouwing

een enkele andere Nederlandse provincie kent procentueel zoveel katholieken als Limburg. Terwijl in andere - meer Noordelijke - provinciën de niet-katholieken in de meerderheid zijn, is driekwart van de Limburgers ingeschreven in de Rooms-Katholieke kerk.

Limburg is al sinds de Romeinse tijd katholiek en achtereenvolgens zetelde er in Tongeren, Maastricht, Luik en Roermond een bisschop, die het grootste gedeelte van het Limburgse gebied onder zijn geestelijke hoede had. De rest maakte deel uit van het bisdom Keulen. Heden ten dage valt de omvang van het bisdom Roermond samen met het gebied van de provincie Limburg.

Vanaf het herstel van de bisschoppelijke hiërarchie in Nederland in 1853, toen de katholieke bevolking binnen Nederland zich weer openbaar mocht gaan organiseren, verzuilde Limburg (evenals de rest van Nederland). Vanaf ongeveer 1900 en vooral tijdens en na de eerste wereldoorlog werd de verzuiling steeds ingrijpender, waarbij contacten met de andere zuilen (protestanten en socialisten) door de geestelijkheid werden ontmoedigd. Bijna het gehele openbare leven, met inbegrip van scholing, gezondheidszorg en vrijetijdsbesteding werd door vanwege de katholieke kerk aangestuurde verenigingen, vakbonden, etc. beheerst, waarbij men zich sterk afzette tegen de socialistische zuil. Dit wordt ook wel het tijdperk van het rijke roomsche leven genoemd. Iedere katholieke Limburger werd geacht hieraan deel te nemen en de sociale controle daarop was groot.

Na het Tweede Vaticaans Concilie en tijdens de roerige jaren 60 brokkelde een en ander echter snel af. Tegenwoordig spelen levensovertuiging of gezindte van de individuele Limburger in het onderlinge sociale verkeer nauwelijks nog een rol. Het aandeel kerkelijken bleef nog wel lange tijd hoog, maar meer recentelijk heeft zich een scherpe daling hierin voorgedaan: was in 2000 nog 95% van de Limburgers geregistreerd als katholiek, in 2007 was dat gedaald tot 74,6%. Het zondagse kerkbezoek, verplicht voor elke katholiek die niet ziek/ bedlegerig was, is volgens de laatste KASKI data afgenomen tot 3,3 % van de bevolking. Volgens een steekproef van het CBS was in 2003 nog 78% katholiek, 2% hervormd of gereformeerd, 5% andersgodsdienstig en 15% niet-kerkelijk.

Sint Barbara, Legende

Barbara zou gewoond hebben in Nicomedië in Klein-Azië. Haar heidense vader, Dioscurus, sloot haar op in een toren om haar te vrijwaren van de vele jongemannen die naar haar hand dongen. Ook liet hij een badhuis voor haar bouwen, zodat ze geen gebruik hoefde te maken van de openbare baden. Dit badhuis bevatte oorspronkelijk twee ramen, maar op verzoek van Barbara werden het er drie (zij had zich in het geheim tot het christendom bekeerd en wilde op deze manier de Heilige Drievuldigheid eren). Toen haar vader haar bekering bemerkte, onthoofdde hij haar, maar werd daarop zelf door de bliksem dodelijk getroffen.

Sommige varianten van de Barbara-legende menen dat zij werd opgesloten in een kelder om haar te bewegen haar geloof op te geven. In sommige streken wordt dit verbeeld door het gebruik op 4 december forsythia-takken te knippen en in een vaas te plaatsen, die in de daarop volgende weken tot bloei komen.

(Links en beneden) : Schilderij van St. Barbara in Schacht 1 op de 455 meter verdieping van de Staatsmijn Maurits, geschilderd door opzichter Salden (Foto links: Continium)

Beschermheilige

Op grond hiervan geldt de Heilige Barbara als beschermster tegen brand en bliksem en tegen een plotselinge dood. Ook kan haar hulp ingeroepen worden als storm het land verwoest. De Heilige Barbara is ook de beschermheilige (ook wel: schutspatroon) van artilleristen, infanteristen, telegrafisten, genisten, ingenieurs, mijnwerkers, brandweerlieden, architecten, boeren, dakdekkers, metselaars, bouwvakkers, klokkengieters, metaalgieters, smeden, steenhouwers, beiaardiers, koks, hoedenmakers, slagers, gevangenen, meisjes, stervenden, torens, vestingen en van inwoners van Vreeswijk.

Op afbeeldingen zijn haar attributen onder andere een toren met drie ramen, een kanon en een martelaarspalm. In Zuid-Limburg was het feest van Sint-Barbara, als patrones van de mijnwerkers, een van de belangrijkste feestdagen van het jaar en lange tijd een vrije dag. Met de mijnsluiting in Nederlands Limburg kwam daar definitief een einde aan.

Ze wordt op 4 december herdacht, maar werd in 1969 van de officiële kalender verwijderd.

Sinds 2003 is de Barbaraviering in Terwinselen in ere hersteld. Elk jaar zal op of rond 4 december een dienst plaats vinden waarbij de overleden mijnwerkers herdacht zullen worden. Traditioneel begint de dag om 10.00 uur met een H. Mis in de parochiekerk van Terwinselen, waarin de pastores van Kerkrade-West zullen voorgaan. Na deze dienst zal er een stille tocht naar de Gedachteniskapel van de mijnwerkers zijn. In de kapel zal aandacht besteed worden aan de verongelukte mijnwerkers van alle mijnen in Limburg. De plechtigheid eindigt met het leggen van een bloemstuk bij de gedenkmuur. Na afloop is er gelegenheid elkaar ter plaatse te ontmoeten. (Foto boven: DSM)